Trends en ontwikkelingen onderwijs en arbeidsmarkt

Welke trends hebben de komende 10 jaar de grootste impact op onderwijs en arbeidsmarkt? Ben jij al op de hoogte?

Er zijn 6 trends om de komende 10 jaar goed in de gaten te houden vanwege hun impact op onderwijs en arbeidsmarkt (Kennisnet, 2019). In deze blog werk ik eerst deze trends kort verder uit. Daarna presenteer ik een ranking van 3 trends die naar verwachting de grootste impact zullen hebben qua aantallen mensen en banen die het betreft.

Demografisch
Er zullen verschuivingen gaan plaatsvinden in de samenstelling van de groep werkenden in ons land. Ten eerste trekken veel jongeren de komende jaren naar de stad. Daardoor wordt in stedelijke gebieden (vooral in de Randstad) een groei voorspeld terwijl in de kleinere gemeenten sprake zal zijn van bevolkingskrimp. Dit leidt vooral buiten de Randstad tot dalende leerlingenaantallen in zowel basis-, voortgezet-, als beroeps- en academisch onderwijs.

Verder is sprake van vergrijzing en ontgroening van de beroepsbevolking. Het aandeel ouderen neemt verder toe en het aandeel jongeren neemt af.
Tenslotte is de verwachting dat er een toename komt van arbeidsmigratie. Een deel van deze migranten zal zich blijvend vestigen in Nederland en een gezin meenemen of stichten in ons land. Door deze ontwikkeling neemt de beroepsbevolking, ondanks de vergrijzing en ontgroening, netto toe.

Ecologisch
De komende jaren zal de voorspelde klimaatverandering doorzetten. Om de effecten te verminderen, werkt Nederland aan de uitvoering van een ambitieus klimaatakkoord. De zogenoemde energietransitie neemt daarbij een belangrijke plaats in. Door de CO2-uitstoot in te perken, kan de opwarming van de aarde worden verminderd. Dit creëert honderdduizenden nieuwe banen, zo is de verwachting (PBL, 2018).

Ook wordt ingezet op de verduurzaming van de economie. Met name de circulaire economie, waarbij grondstoffen worden hergebruikt, is in opkomst. Hierdoor zal de consumptieve groei afvlakken en wellicht zelfs omslaan in een consumptieve daling. Dit zal juist banen gaan kosten.
Voor het onderwijs betekent dit dat leerlingen en studenten bewust moeten worden gemaakt van de klimaatproblemen en opgeleid dienen te worden in nieuwe beroepen op het gebied van verduurzaming.

Sociaal-cultureel
Het Sociaal en Cultureel Planbureau voorspelt de komende jaren een veeleisende en dynamische maatschappij (SCP, 2017). De segregatie neemt toe. Dit betekent dat groepen gelijkgestemden vooral elkaar ontmoeten. Tussen de verschillende groepen neemt het contact juist af.

Daarbij vallen ook de verschillen op tussen kinderen met lager en hoger opgeleide ouders qua schoolprestaties (Inspectie van het Onderwijs, 2018). Ondanks decennia van het stimuleren van kansengelijkheid via het onderwijs, worden hierop onvoldoende resultaten geboekt. Hadden we het vroeger over the haves-have nots, nu spreken we steeds vaker over the cans – can nots.

Technologisch
Er zijn al vele artikelen geschreven over de impact van technologie die ons de komende jaren te wachten staat. Allereerst is daar natuurlijk de toenemende digitalisering. Er komen steeds nieuwe toepassingen bij en hele werkprocessen worden overgenomen door software. Ook onze communicatie voltrekt zich deels digitaal via Social Media en Apps. Verder is The Internet of Things in opmars. Dit heeft al banen gekost, bijv. in bank- en verzekeringswezen.

Daarnaast is sprake van robotisering waarbij slimme robots het werk overnemen. Middels kunstmatige intelligentie kunnen deze robots steeds meer. Denk bijv. aan de fabricage van auto’s en het verpakken van materialen. Ook worden algoritmen ingezet, veelal gebruik makend van datasets die zijn verzameld over grote groepen mensen zodat adequate vervolgacties eenvoudig door een bot vanuit bijvoorbeeld klantenservices worden bepaald. Technologie beconcurreert de mens niet langer alleen op spierkracht, maar ook op denkvermogen en creativiteit (Kirschner, 2017).
Dit biedt kansen op bijvoorbeeld adaptieve leermiddelen in het onderwijs, speciaal toegesneden op elke leerling apart zodat gepersonaliseerd leren mogelijk is. Hiervan wordt onder andere binnen het basisonderwijs al in sommige gevallen gebruik gemaakt. Een voorbeeld zijn rekenlessen waar leerlingen middels het gebruik van een iPad een gedifferentieerd aanbod krijgen welke wordt aangepast naar een oneindig aantal niveaus.
Tot slot creëert de inzet van technologie nieuwe banen, met name in de ICT en technologische innovatie.

Economisch
Door de vele ontwikkelingen in beroepen en sectoren wordt de arbeidsmarkt onvoorspelbaarder. Banen verdwijnen en ontstaan in rap tempo. De levensduur van bedrijven neemt af (nu gemiddeld nog 16 jaar, in de jaren 50 was dat nog 60 jaar). Dat betekent dat veel minder mensen 30 of 40 jaar bij dezelfde werkgever zullen werken. Eenvoudige arbeid wordt geautomatiseerd; het overige werk wordt complexer.

Door deze veranderingen zullen andere skills worden gevraagd: de zogenoemde 21e-eeuwse vaardigheden zijn in opmars met een aantal cruciale vaardigheden vereist om te kunnen meebewegen met de vraag op de arbeidsmarkt. Met name flexibiliteit, (digitale) geletterdheid en een goed leer- en adaptievermogen worden belangrijker.

Al enige tijd krijgen internationale technologiebedrijven meer invloed op de economie. Soms ook disruptief, dat wil zeggen dat er over 10 jaar grote spelers zullen zijn die nu nog niet bestaan. Daarbij neemt platformisering een vlucht. Dat betekent dat steeds meer diensten en producten worden aangeboden door bedrijven die zelf niet de productiemiddelen bezitten maar die van anderen (door)verkopen. Denk hierbij aan Uber, Airbnb etc.

Politiek-juridisch
Op politiek-juridisch vlak zijn een aantal ontwikkelingen zichtbaar rondom privacy en rondom beveiliging van data & systemen. Door internet en Social Media kan onze privacy in het geding komen, hetgeen leidt tot nieuwe privacyvraagstukken waarvoor oplossingen moeten worden bedacht. Dit vraagt om nieuwe wet- en regelgeving. Bij nieuwe diensten en producten is het daarom raadzaam om al direct in de ontwerpfase “Privacy by Design” mee te nemen.

Dat geldt ook voor de beveiliging van onze data en de vele (digitale) systemen waarvan we gebruik maken. Dit stelt ons voor de uitdaging hoe te voorkomen dat systemen worden gehackt waardoor ons maatschappelijk leven ontwricht kan raken.

Ook is merkbaar dat de overheid (Rijk, EU) vaker overgaat tot enerzijds stimulering van innovatie middels onder andere subsidieregelingen, tot anderzijds regulering middels extra procedures en maatregelen. Niet alleen in het bedrijfsleven maar ook in bijvoorbeeld zorg- en welzijn is dit zichtbaar.

Impact
Elk van deze trends heeft in meer of andere mate invloed op arbeidsmarkt en onderwijs. De vraag is welke de grootste impact gaat hebben. Vanuit enkele macro-economische cijfers kom ik tot een globale top 3, met name gebaseerd op het verwachtte effect (oplopend):

Nummer 3. Ecologisch
Ten gevolge van de energietransitie worden over 10 jaar tussen de 35.000 en 67.000 extra banen verwacht (dit betreft enerzijds een uitbreiding van circa 200.000 extra banen en anderzijds een voorspelde krimp van 140.000 banen doordat de consumptie afneemt (PBL, 2018).

Er is een mogelijke extra groei van de beroepsbevolking door de migratie van klimaatvluchtelingen naar ons land. Die trend is onvoorspelbaar en het effect is niet goed in te schatten.

Deze verandering is dus (voor zover het de arbeidsmarkt betreft) wel significant en heeft vooral een positief effect door de nieuwe banen die het creëert, vandaar de nummer 3 positie.

Nummer 2. Demografisch
Uit cijfers die zijn gepubliceerd door het CBS (2018) is de prognose dat de beroepsbevolking de komende 10 jaar met 745.000 mensen toeneemt. Twee derde deel van deze toename wordt verklaard door een toename aan immigratie.
Het aandeel 65-plussers stijgt van 18% (2015) naar 26% (2060). Het aandeel 80-plussers stijgt van 4% (2015) naar 11% (2060). (VN, 2017). Dit zou voor een krimp van de beroepsbevolking kunnen gaan zorgen, ware het niet dat de pensioenleeftijd inmiddels is gekoppeld aan deze demografische ontwikkeling. Bovendien zorgt de stijging van het aantal ouderen dat een groter beroep zal worden gedaan op verzorgend personeel, waardoor dan ook het aantal banen in de zorg zal toenemen. De kosten hiervoor zullen echter wel maatschappelijk op te brengen moeten blijven.

Deze demografische verandering raakt weliswaar veel mensen, maar heeft minder negatief effect als men soms denkt, vandaar de nummer 2 positie.

Nummer 1. Technologisch
De organisatie voor economische samenwerking en ontwikkeling (Oeso) laat in onderzoek zien dat de komende 15 tot 20 jaar 14% van de werkgelegenheid gaat verdwijnen als gevolg van technologisering, digitalisering en automatisering. Als we kijken naar absolute aantallen houdt dit in dat er van de 10.591.000 arbeidsplaatsen die we momenteel (Q1 2019) in Nederland hebben, er 1.482.000 banen zullen verdwijnen. Daarnaast zal 32% van de banen ingrijpend veranderen.

Deze verandering raakt dus 1 op de 2 banen, heeft daarmee een groot effect; vandaar de nummer 1 positie.

Samenvattend
Verandering is van alle tijden. Als we de afgelopen eeuw bezien, zijn er heel veranderingen opgetreden met groot effect op onderwijs en arbeidsmarkt. Toch staat Nederland er nu goed voor. De arbeidsparticipatie is groter dan ooit te voren. Daarom mogen we er best vertrouwen in hebben dat we flexibel genoeg zijn om de problemen die op ons af komen te tackelen en de kansen te benutten. Zaak is wel om de ontwikkelingen goed te monitoren en er tijdig beleid op te maken. Voor elk van ons persoonlijk is het zaak om te investeren in “leven lang ontwikkelen” en de eigen loopbaan.
Deze blog is een samenvatting van een presentatie door Inge Willems gehouden op de conferentie “Gelderland Arbeidswijs Draait Door!” op donderdag 6 juni 2019.

Hoe investeer je in je werkgeluk? 6 tips!

In Nederland zijn we in vergelijking met de rest van Europa relatief gelukkig: we geven het werk een score van 7,5 (bron Effectory). Maar dat is slechts een gemiddelde. Er zijn zeker ook behoorlijk wat mensen te vinden die hier behoorlijk onder scoren. Wat kan je doen om je werkgeluk te verhogen?

  •  Zelfstandigheid: Probeer je vrijheid om je werk op je eigen manier in te vullen, te vergroten. Als je zelf voldoende controle hebt over je dagindeling en werkzaamheden is dat mede bepalend voor werkgeluk.
  • Salaris: Je kan vragen om meer salaris. Want meer salaris is te relateren aan meer werkgeluk. Maar hier geldt wel de wet van de afnemende meeropbrengst: hoe hoger het salaris, hoe minder extra salaris bijdraagt aan meer werkgeluk. In die zin is het een dissatisfier.
  • Leuke collega’s: Ga op zoek naar werk waarin je leuke collega’s hebt die je voldoende sociale steun geven.
  • Werk-privé balans: Zorg voor een goede belans tussen je privé-activiteiten en werk. Dat gaat niet alleen over het aantal uren dat je werkt. Het betreft ook het piekeren over werkgerelateerde zaken en “het werk mee naar huis nemen”.
  • Baanzekerheid: Zorg dat je voor jezelf opkomt en probeer een vaste baan te krijgen (of voor ZZP’ers voor trouwe klanten). Onzekerheid over de toekomst heeft een negatieve invloed op werkgeluk.
  • Leidinggevende: De leidinggevende, en met name de competentie van de leidinggevende als het gaat om motiveren van de medewerker is erg belangrijk.
  • Perspectief: Sta af en toe eens stil bij je werk en vraag je af of je werk je nog wel gelukkig maakt. Hoe vergroot je je perspectieven? Mogelijk kan je op de huidige arbeidsmarkt je loopbaan wel verleggen. Het kan belangrijk voor je zijn om nieuwe energie op te doen en je carrièremogelijkheden te verbeteren.

 

Voor 45-plussers is er nu tijdelijk subsidie beschikbaar voor een gratis ontwikkeladvies van een loopbaancoach t.w.v. € 600,-. Geen ingewikkelde regeling, de loopbaancoach regelt alles.
Geïnteresseerd? Mail me dan: inge.willems@wiseup.nl en ik regel een loopbaancoach voor je

5 arbeidsmarkttrends waardoor het onderwijs hard nodig is

Blog Lars Damen  

Mijn generatie krijgt nog weleens dingen te horen als: “Wij werkten al vanaf ons 16e”, “Vroeger gingen we na de middelbare school gewoon aan het werk”, “Ben je niet een keer uitgeleerd”. 

Er is veel veranderd en laten we er alsjeblieft geen waardeoordeel aan hangen. Vroeg had je redelijke arbeidsmarktpositie als je vanuit de middelbare school direct aan het werk ging. Maar die tijden zijn voorbij. Een opleiding is een voorwaarde geworden om voldoende kansen te hebben op de arbeidsmarkt.

Een open-deur-voorspelling voor velen: “de rol van onderwijs wordt alleen maar belangrijker”. Een Leven Lang Leren is een veelgehoorde term. Helaas vindt dit slechts mondjesmaat plaats. Dit terwijl de rol van het onderwijs nog veel belangrijker zou moeten zijn. Hieronder de belangrijkste arbeidsmarkttrends met een hunkering naar meer onderwijs:

1. Banen verdwijnen en andere banen ontstaan

Banen verdwijnen…. andere banen of werk ontstaan weer. Digitalisering is een belangrijke trend die van invloed is op allerlei sectoren en beroepen. Aan de ene kant zien we krimp, denk aan de ontslagen binnen de traditionele detailhandel, bij banken en een afname van het aantal administratieve functies. Aan de andere kant zien we groei van bijvoorbeeld banen in de sector vervoer en opslag (bron:  UWV[1]) . Helaas voor degene die dat graag zouden willen. Zelfs een keuze voor deze laatste sector biedt geen garanties. Denk aan de hoog geautomatiseerde distributiecentra en de zelfrijdende (vracht)auto waarmee geëxperimenteerd wordt.

De baan voor het leven bestaat niet meer en dit vraagt enorm veel van ons als medewerkers en arbeidskapitaal. We hebben onderwijs nodig om te kunnen switchen van professie, ons door te blijven ontwikkelen en interessant te blijven voor werkgevers. Onze omgeving innoveert, dus we moeten ook onszelf blijven vernieuwen.

2. Banen veranderen

We zien het ontstaan en verdwijnen van werkgelegenheid. Maar we zien ook grote veranderingen van beroepen. Techniek sluipt in steeds meer functies in. Een mooi voorbeeld vind ik de agrarische sector. Het beroep van de doorsnee boer/teler in de 21e eeuw lijkt geenszins meer op het beroep van 100 jaar geleden. We zien koeien die zichzelf melken, kassen die volledig worden aangestuurd vanuit computerprogramma’s en precisielandbouw met satellieten en drones. Boeren zijn professionals met een neus voor techniek, digitalisering en worden steeds meer informatieanalisten. Nog even en de landbouw en tuinbouw is zover gedigitaliseerd en gerobotiseerd dat niet veel afwijkt van het spelletje Farmville alleen met veel meer data, gegevens en techniek. Onderwijs, opleidingen en cursussen, zijn cruciaal om bijscholing aan te bieden en om medewerkers bij de tijd te houden!

3. Combinatieberoepen ontstaan

Deze categorie maakt mij heel blij. Want het biedt ons allemaal de mogelijkheid om onszelf te onderscheiden van anderen en interessante kennis- en vaardighedencombinaties te maken. Er zullen interessante combinaties ontstaat zoals energie-boer, energie-architect, zorgtechnicus, Logistic-gamer, et cetera. We moeten ons dus ook ontwikkelen buiten onze comfortzone. Dus misschien moet ik back-to-school en weer lessen scheikunde, natuurkunde en biologie gaan volgen? (bron: beroepenvanmorgen.nu)[2].

4. Toenemende behoefte aan hoger opgeleiden

Ik wil dat leerlingen meer stapelen zei minister Bussemaker nog recentelijk. Onze maatschappij professionaliseert. En dat geldt op elk niveau. Voor mij is het heel gebruikelijk om werk gerelateerde boeken te blijven lezen, cursussen en trainingen te volgen. Door mijn werkgever wordt dit ook nog eens gestimuleerd, gewaardeerd en ook betaald. Maar dit is niet voor iedereen het geval. Hier ontstaat een tweedeling. Wellicht een idee voor de politiek om te komen met een persoonsgebonden opleidingsbudget betaald uit een deel van de loonbelasting en ter beschikking komt van medewerkers om zich bij te scholen, om te scholen en op te scholen.

5. We moeten langer doorwerken

Dan is er een vijfde reden waarvoor we het onderwijs hard nodig hebben. We moeten langer doorwerken. Voor heel veel beroepen/werk is dat geen probleem. Echter voor sommige beroepen wel degelijk. Arbo wordt steeds serieuzer genomen en robotisering maakt veel beroepen lichter (denk maar aan iets zo basaal als een tillift in het ziekenhuis) maar er blijven beroepen die op termijn fysiek te zwaar zijn. Ook deze mensen moeten zich kunnen omscholen naar andere beroepen.

Conclusie

We leven in een snel veranderende wereld. Wat we nodig hebben is flexibilisering van ons arbeidskapitaal (en dan bedoel ik niet de contractvormen). Onderwijs is één van de belangrijkste instrumenten om het arbeidsmarktkapitaal te flexibiliseren.

We moeten meer mogelijkheden hebben onszelf te vernieuwen, aan te passen, te herscholen, bijscholen, omscholen en om onszelf naar een hoger niveau te tillen. Momenteel is het vaak niet mogelijk een opleiding te volgen wanneer je “in-beween-jobs” zit. Ook een opleiding volgen tijdens je werk is voor veel mensen lastig of relatief onaantrekkelijk. Een leven lang leren moet binnen het onderwijs en opleidingen aantrekkelijker gemaakt worden en opleidingsinstituten moeten de ruimte krijgen van de politiek om dit te realiseren.

Meer cursussen, meer modulair stapelen, certificaten, e-learnings, coachingstrajecten, makkelijk losse vakken kunnen volgen aan onderwijsinstellingen en meer kenniscross-overs in opleidingen. Innovatie, ook vanuit het onderwijs. Vanuit mijn rol als projectleider van een opleiding die als doel heeft om crossovers te realiseren tussen verschillende opleidingen ben ik onderdeel van de innovaties binnen het onderwijs. Het vraagt veel van docenten, onderwijsontwikkelaars, andere onderwijsinstellingen, het bedrijfsleven, overheden, samen zijn we aan zet maar het is deze innovatie waar onze kennisinfrastructuur sterker van wordt.

[1] https://www.werk.nl/xpsimage/wdo213568

[2] http://www.beroepenvanmorgen.nu/werkateliers/

10 checks om te zien of je huidige professie futureproof is

Blog Inge Willems

Met de trendwatchers in kranten, tijdschriften en social media gaat het goed, héél goed. Want ze hebben het momenteel erg druk met ons te overtuigen dat we voor een nieuw tijdperk staan.

En we hangen aan hun lippen. Vorige week nog woonde ik een congres bij waarop een trendwatcher, laat ik hem Karel noemen, het volgende voorspelde: “In 2050 zijn de ijskappen gesmolten, de zeespiegel is 4-6 meter gestegen. Er ontstaan op aarde rond de evenaar veel plekken waar mensen met 60 graden niet meer kunnen leven”. Karel vervolgt: “Tegelijkertijd hebben we tegen die tijd allemaal een smartphone in de zak die 6 miljard keer sneller kan denken onze eigen hersenen. Ook kunnen we heel veel ziektes genezen omdat computers en robots ons behulpzaam zijn”. En ook: “We zijn gek op de deeleconomie en ruilen ons suf zodat veel gratis wordt”. Zo ging Karel nog even door. Iedereen kent deze verhalen zo ondertussen wel. Vaak wat overdreven maar in de kern waarachtig en plausibel.

Wat betekenen die trends voor onszelf en ons dagelijks werk? Vanuit verschillende invalshoeken heb ik de volgende checklist samengesteld om te toetsen of je professie mogelijk de komende decennia ingrijpend zou kunnen gaan veranderen.

10 Checks

Hierna volgen 10 vragen die jij jezelf kunt stellen. Aanname: het aanbod van de beroepsbevolking blijft voorlopig groter dan de vraag op de arbeidsmarkt. Dat betekent dat er veel personele concurrentie is. Verder ga ik ervan uit dat je  als lezer alle voorspelde trends wel zo’n beetje kent dus die ga ik niet herhalen. Per vraag kun je uit ‘ja’ of ‘nee’ kiezen voor jouw werk.

  1. Kan je werk(gever) bedreigd worden door een digitaal platform?

Voorbeeld: verzekeringsagent, consultant, advocaat,  hotelmedewerker, accountant

  1. Kan wat jij doet, ook (vrijwel) gratis worden gedaan in een deeleconomie?

Voorbeeld: bankier, verhuurder, restauranthouder, thuisverzorgende, taxichauffeur

  1. Is (een deel van) je werk te doen door een robot of machine?

Voorbeeld: magazijnmedewerker, chirurg, havenmedewerker, laborant, productiemedewerker

  1. Is je werk een dienst vooral gericht op de exportgerichte, geglobaliseerde markt die opkomende economieën kunnen overnemen?

Voorbeeld: machinebouwer, engineer, agrariër, ICT-er

  1. Is een spraak-, schrijf-, rij-computer, app of rekenprogramma een staat om (delen van) je werk over te nemen?

Voorbeeld: vertaler-tolk, planner, chauffeur, administratief medewerker

  1. Is je werk afhankelijk van overheidsfinanciering (belastinggeld)?

Verpleegkundige of verzorgende, ambtenaar, teamleider

  1. Is je werk kennisextensief d.w.z. anderen kunnen het snel leren?

Winkelbediende, warehousemedewerker

  1. Zijn er al heel veel zzp-ers in jouw professie actief?

Bouwvakker, ICT-er, koerier, interim-manager

  1. Is je werk gericht op kinderen en jongeren in een ontgroenende regio?

Jeugdwerker, sociaal-cultureel werker, leraar initieel onderwijs (VO, beroepsopleiding)

  1. Is je werk gericht op oude markten dus niet op energie, duurzaamheid, digitalisering, draadloos netwerk, recycling etc.?

Winkeleigenaar, pomphouder, automonteur, elektricien, verpleegkundige, fabrieksdirecteur

Risico’s

Stel je hebt met jouw professie één of enkele ja’s te pakken. Oei. Wat te doen? Bekijk dan eerst voor jezelf:

  1. de kans dat het zich voordoet.
  2. de impact als het gebeurt.

Kans x Impact bepalen samen het risico. Is dit risico “groot” dan is het zaak om in te spelen op de trends. Is het risico op basis van bovenstaande checklist “klein”, houd er dan rekening mee dat veel mensen de komende jaren jouw beroep zullen ambiëren. Dus neemt alsnog de personele concurrentie toe.

Je positie verstevigen

Wat kan je doen om je eigen positie op de arbeidsmarkt te verstevigen? Het allerbelangrijkste is om te blijven leren. Hoe meer je openstaat voor nieuwe kennis en informatie, hoe gemakkelijker je kunt meebewegen met een veranderende vraag op de (arbeids)markt. Ook is zaak om flexibel te zijn. Regelmatig van werk veranderen, houd je geest fit en maakt je flexibel en wendbaar zodat je niet voor één gat te vangen bent als het tij onverhoopt keert.

In het basisonderwijs heeft men het tegenwoordig over de zgn. 21e century critical skills. Deze gelden niet alleen voor de jeugd maar ook voor alle werkenden. Dit zijn vaardigheden als samenwerkingsgericht, creatief, sociaal, leiderschapsgericht, flexibel en initiatiefrijk zijn. Het kan dus de moeite waard zijn om jezelf hierin te trainen.

Gebruikte bronnen 

– www.arbeidsmarktinzicht.nl van Brainport Network, een publieke website met veel informatie

– Oxford University 2015, “The Future of Employment”, C.B. Frey & M.A. Osborne

– Deloitte 2014, “De impact van automatisering op de Nederlandse Arbeidsmarkt”

– WRR 2015, “De robot de baas, de toekomst van werk in het tweede machinetijdperk”, Robert Went, Monique Kremer & Andre Knottnerus